open klooster

  een nieuwe vorm
     voor een oud verlangen

afb
 


 
 

 

 
Open klooster in het kort


Een open klooster is een tijdelijke leefgemeenschap die gestalte geeft aan het verlangen naar inkeer en compassie vanuit een houding van openheid, van niet-weten en niet-bezitten.

De kloosters duren steeds zes of tien dagen en staan in het teken van stilte en gesprek, meditatie en koorgebed. De locaties wisselen, zo ook de deelnemers. Elk vertrek is een nieuw begin.

De open kloosters rusten op drie tradities die gelijkwaardig naast elkaar staan: de joods-christelijke, de boeddhistische en de modern-artistieke.

In de getijden komen deze tradities samen. Er worden psalmen en soetra’s gereciteerd, mantra’s en Gregoriaanse liederen gezongen, gedichten en andere literaire teksten gelezen en gezongen.

Naast stilte en bezinning biedt het klooster ruimte voor ontmoeting en uitwisseling. Daarin verschilt het van de meeste andere stilteretraites.

Het open klooster kent verschillende werkvormen: getijden, gesprek vanuit de stilte (een Quakergebruik), stilte- en loopmeditatie, overdenking door een der deelnemers, meditatie-instructie en zingen.

Het open klooster laat ruimte voor persoonlijk initiatief in het programma; een workshop, een muziekmeditatie, het vertonen van een eigen film of een DVD, een gezamenlijke wandeling, etc.

Een open klooster wordt gedragen door de deelnemers zelf en is niet verbonden met enig instituut. Het is een lekeninitiatief, als zodanig expressie van een eigentijdse vorm van spiritualiteit. Met eerbied voor de tradities maar evenzeer met trouw aan het ideaal van de ‘beginners mind’.

Het idee voor het open klooster is ontstaan in de kring rond zenleraar Ton Lathouwers, die samen met Louise Kleinherenbrink nauw betrokken is geweest bij de realisatie ervan. Het eerste zomerklooster vond plaats in juli/augustus 2010, in het Belgische Bever (Rosario).


 
 
afb

 
RitzDzign